Uitgangspunten

  • Ieder kind is uniek.
  • Het kind weet zelf ‘de weg’, zij het niet altijd in woorden en al bewust.
  • Het kind staat centraal.
  • Ieder kind beschikt over eigen specifieke kwaliteiten en intelligenties (theorie van Howard Gardner over de acht meervoudige intelligenties).
  • Respect voor het kind in openheid en vertrouwen.
  • Het kind is geen probleemkind, het kind heeft een probleem.
  • Ieder kind heeft in principe de mogelijkheid om zijn ontwikkelingstaken te volbrengen.
  • Problemen staan niet op zichzelf, ze hangen samen met de leefsituatie, het gezin, de school/ studie, vriendenkring, de cultuur en het wereldmodel van het kind en het gezin.